Leesbare kopie van https://www.donateursbelangen.nl/blogitem/hoe-goed-is-het-goede-doel-kwf-armoedefonds/r/PUxBx9LZLnYZXg, gemaakt voor AI-agents en crawlers. Overzicht

Hoe goed is het goede doel: Armoedefonds

03-09-2026

Stichting Armoedefonds is een Nederlandse stichting die zich, sinds de oprichting in 2013, inzet voor het voorkomen, verzachten en bestrijden van armoede in Nederland. Het Armoedefonds werkt vooral via meer dan 1.300 lokale armoedehulporganisaties (voedselbanken, kledingbanken, Stichting Leergeld, SchuldHulpMaatje en vele andere), die het ondersteunt met geld, goederen en kennis, en voert daarnaast eigen landelijke projecten zoals de Schoolspullenactie, de "Ik-denk-aan-jou" steunpakketjes voor ouderen en de menstruatieproducten-uitgiftepunten (MUP's). Van een organisatie met 1 fte en krap € 2 miljoen aan baten in 2019 groeide het Armoedefonds in zes jaar tijd uit tot een organisatie met bijna € 24 miljoen aan baten (2025). Sinds april 2020 is het een CBF-erkend goed doel. Het Armoedefonds heeft de ANBI-status, waardoor giften voor gevers fiscaal aftrekbaar kunnen zijn van de inkomstenbelasting, afhankelijk van drempelbedragen of een vastgelegde periodieke schenking.

Stichting Donateursbelangen analyseert goede doelen op basis van hun officiële jaarverslagen en het CBF-Erkenningspaspoort. Dit keer: Stichting Armoedefonds, op basis van de jaarverslagen 2019 t/m 2025.

TL;DR (in het kort)

Kerncijfers Stichting Armoedefonds op basis van het laatst bekende jaarverslag (boekjaar 2025)

Ter vergelijking, 2024: baten € 19.647.480, doelbesteding € 14.135.590, wervingskosten € 1.380.163, organisatiekosten € 617.932.

Vergelijking met het eerste onderzochte jaarverslag (2019)

(Tip voor mobiel: veeg de tabel naar links om alle kolommen te zien.)

Kerncijfer 2019 2025 Verandering Trend
Inkomsten€ 1.933.288€ 23.926.550+1.137,6%↑
Doelbesteding€ 1.126.028€ 21.736.652+1.830,4%↑
Wervingskosten€ 311.220 (16,1% v/d baten)€ 1.371.367 (5,7% v/d baten)+340,6% in euro's, -10,4 procentpunt↑/↓*
Organisatiekosten€ 233.071 (12,1% v/d baten)€ 666.915 (2,8% v/d baten)+186,1% in euro's, -9,3 procentpunt↑/↓*
Personeel1 fte14,7 fte+1.370,0%↑
Aantal donateurscirca 16.000123.263+670,4%↑
Jaarresultaatwinst € 215.835winst € 85.159kleiner overschot↓

* Bij wervings- en organisatiekosten stijgt het absolute bedrag fors (logisch bij een organisatie die in zes jaar tijd meer dan vertienvoudigt), maar daalt het percentage van de baten juist sterk. We tonen daarom beide pijlen.

Opvallend: 2019 was zelf al een jaar met een bescheiden winst, maar de organisatie draaide destijds nog grotendeels op geleend geld: de continuïteitsreserve was toen € 1.176.065 negatief, vrijwel volledig verklaard door de opstartlening van Fonds 1818 (zie Transparantie F hieronder). Doelbesteding als aandeel van de totale lasten steeg van 67,4% (2019) naar 91,4% (2025), een aanzienlijke efficiëntieverbetering, maar deels ook een gevolg van eenmalige kosten voor de CBF-erkenningsaanvraag die in 2019 en 2020 nog drukten op de beheerskosten.

Centrale vragen

1. Hoeveel gaat er per 100 euro effectief naar het goede doel?
Volgens de eigen berekening van het Armoedefonds ging in 2025 91,4 cent per euro naar de doelstelling. Dit cijfer wordt berekend als aandeel van de totale uitgaven, en behandelt voorlichtingsuitgaven als onderdeel van de doelbesteding. Omdat het Armoedefonds de helft van de kosten van huis-aan-huisactiviteiten aan voorlichting (en daarmee doelbesteding) toerekent, is een deel van dit percentage een resultaat van die toerekeningskeuze.

2. Wat is de ideologische of historische oorsprong?
Het Armoedefonds is in 2013 opgericht als seculiere, niet-religieuze en niet-politieke stichting, gericht op armoedebestrijding via ondersteuning van lokale hulporganisaties en landelijke voorlichting. De organisatie werkt samen met uiteenlopende lokale partners, waaronder zowel kerkelijke diaconieën als seculiere stichtingen.

3. Belangrijkste realisatie van het afgelopen jaar?
Het netwerk van menstruatieproducten-uitgiftepunten (MUP's) groeide in 2025 naar ruim 3.100 locaties (van circa 20 in december 2020), waarmee circa 250.000 vrouwen en meisjes in menstruatiearmoede worden bereikt. Daarnaast leidde een landelijke petitie tegen energiearmoede tot extra overheidsmiddelen in de winter van 2025.

4. Grootste tegenslag of mislukking?
Ondanks de groei kon het Armoedefonds niet aan alle hulpvragen voldoen: de Schoolspullenactie kent al jaren een grotere vraag dan het beschikbare budget. Daarnaast ontving de organisatie in 2025 203 klachten over de huis-aan-huisvoorlichting, en moest zij in de eerste jaren (2019-2022) fors interen op tijd en middelen aan de CBF-erkenningsaanvraag en het aflossen van de opstartlening.

5. Score: is steun aan deze organisatie het waard?
9 / 10. Financieel gezond en sterk gegroeid, met een dalende kostenquote en een goedkeurende accountantsverklaring. Op het punt waar in onze analysemethode de hoogste score van afhangt, een gerealiseerd, jaarlijks voorlichtingsbedrag én een gepubliceerde verdeelsleutel, voldoet het Armoedefonds aantoonbaar aan beide voorwaarden, elk jaar opnieuw (zie Transparantie A en E). Ook donateursaantallen worden consequent en concreet gepubliceerd. Wat de score onder een 10 houdt, weegt vanuit donateursperspectief zwaarder dan een gemiddelde kleine tekortkoming: donateurs in de beginjaren hebben, zonder dat zij dit uit de reguliere communicatie konden weten, feitelijk meebetaald aan rente en aflossing op de leningen waarmee hun eigen werving werd gefinancierd (zie Transparantie F). Daarnaast ontbreekt een concreet totaalaantal vrijwilligers.

Transparantie

A. Voorlichtingskosten door de jaren heen. Het Armoedefonds publiceert in de jaarrekening van ieder onderzocht jaar een concreet, gerealiseerd totaalbedrag voor "voorlichting en bewustwording": € 586.607 (2019), € 445.931 (2020), € 1.139.128 (2021), € 1.062.161 (2022), € 1.264.624 (2023), € 2.733.306 (2024) en € 3.620.148 (2025). Dit bedrag is elk jaar terug te vinden in de toelichting op de jaarrekening, apart van "uitkeringen rechtstreeks" en "capacity building". Dit is opvallend transparanter dan bij vergelijkbare goede doelen, waar dit cijfer vaak wél ontbreekt of alleen in geraamde (begrote) vorm wordt gepubliceerd.

B. Aantal donateurs en vrijwilligers. Het Armoedefonds noemt in elk onderzocht jaarverslag een concreet donateursaantal: circa 16.000 eind 2019, 20.465 (2020), 31.906 (2021), 47.491 (2023), oplopend naar 123.263 (2025). Dat is een sterk en consistent punt. Het aantal vrijwilligers wordt echter nooit als totaalcijfer genoemd; het CBF-Erkenningspaspoort registreert dit als "Onbekend".

C. Beter of slechter geïnformeerd? Op beide onderzochte punten, donateursaantallen en het gerealiseerde voorlichtingsbedrag, is het Armoedefonds over de volle onderzochte periode consistent concreet gebleven. Dat is een positieve uitzondering: bij veel andere goede doelen verdwijnt precies dit soort cijfers juist na verloop van tijd uit het jaarverslag.

D. Zijn de jaarverslagen onderling goed vergelijkbaar? Grotendeels wel qua opzet (dezelfde hoofdstukindeling van 2019 tot en met 2025), met twee kanttekeningen. Ten eerste veranderde de verdeelsleutel voor voorlichting versus werving van 60%/40% (2019) naar 50%/50% (vanaf 2020), zonder uitgebreide toelichting op de reden. Ten tweede is de reservestructuur tussen 2023 en 2024 uitgebreid van alleen een continuïteitsreserve naar continuïteitsreserve, bestedingsreserve en overige reserve.

E. Past Armoedefonds het vermengen van wervings- en voorlichtingskosten toe? Er is aantoonbaar sprake van vermenging (kosten van huis-aan-huisactiviteiten worden deels aan voorlichting, deels aan werving toegerekend), maar het Armoedefonds is hier ongewoon transparant over: de gehanteerde verdeelsleutel wordt gepubliceerd (aanvankelijk 60/40, vanaf 2020 50/50), én het resulterende, gerealiseerde totaalbedrag staat elk jaar in de jaarrekening (zie punt A). Daarmee voldoet het Armoedefonds aan beide voorwaarden die in onze analysemethode gelden als maatstaf voor volledige transparantie op dit punt.

F. Is het werk van het Armoedefonds ooit met een lening gefinancierd, en waarvoor is dat geld gebruikt? Ja, op drie manieren. Ten eerste verstrekte vermogensfonds Fonds 1818 bij de oprichting een lening (oorspronkelijk ruim € 1 miljoen, tegen 4% rente), die het jaarverslag zelf omschrijft als bedoeld "ter financiering van de kosten ten behoeve van de opstart van de organisatie", en specifieker: "de lening die is aangegaan voor de huis aan huis campagne voor de opstart van de organisatie." Ten tweede gaf het Armoedefonds in 2021 en 2022 in totaal € 850.000 aan Social Impact Bonds (SIB's) uit aan particuliere en zakelijke investeerders, tegen 2,5% jaarlijks rendement en terugbetaling over acht jaar. Het jaarverslag is hierover expliciet: deze SIB's zijn "verstrekt ter financiering van de kosten ten behoeve van werving van donateurs voor de organisatie." Beide financieringsvormen zijn dus niet gebruikt om direct mensen in armoede te helpen, maar om de fondsenwervingsmachine (vooral de huis-aan-huiscampagne) van de grond te krijgen en op te schalen. Ten derde sloot het Armoedefonds in 2025 drie hypotheken af (totaal circa € 900.000, looptijd 10 jaar, 5% rente) voor de aankoop van een eigen bedrijfspand. Deze laatste lening is van een fundamenteel andere aard: het betreft gewone, gebruikelijke financiering van een vast actief (een gebouw), vergelijkbaar met een hypotheek voor een bedrijfspand bij vrijwel elke organisatie, en niet gekoppeld aan wervingskosten.

Wat betekent dit concreet voor de donateurs uit de begintijd? De Fonds 1818-lening (oorspronkelijk ruim € 1 miljoen) werd via een aflosschema volledig terugbetaald tussen 2018 en begin 2023, direct uit de jaarlijkse donatie-inkomsten: er is geen andere geldstroom waaruit een stichting zonder eigen vermogen dit kan betalen. Alleen al over de jaren 2019, 2020, 2021 en 2023 is samen ruim € 162.000 aan rente op deze lening en de latere Social Impact Bonds betaald, eveneens uit lopende inkomsten. Dat betekent dat een deel van elke euro die donateurs in de eerste, meest kwetsbare jaren van het Armoedefonds gaven, niet naar armoedebestrijding ging, maar naar het aflossen van hoofdsom en rente aan de externe investeerders die de wervingscampagne hadden voorgefinancierd, dus feitelijk naar het terugbetalen van de kosten om zichzelf als donateur te werven. Dit is een logisch en volledig verantwoord gevolg van het gekozen financieringsmodel, en geen aanwijzing van misbruik, maar wel een wezenlijk ander beeld dan "elke euro gaat naar het doel".

G. Transparantie over specifieke wervingscampagnes. Bij de jaarlijkse Schoolspullenactie werkt het Armoedefonds samen met RTL Boulevard; de editie van juni 2026 leverde 13.015 rugzakken op (circa € 650.750). Op de vraag welk bedrag met deze mediasamenwerking is gemoeid, antwoordde het Armoedefonds destijds aan Stichting Donateursbelangen: "Helaas kunnen we hier geen uitspraken over doen." Dit sluit aan bij het bredere beeld uit deze analyse: de gehanteerde toerekeningsmethode is transparant, maar concrete kosten van specifieke wervingscampagnes blijven vaak onbenoemd.

Oproep aan Stichting Armoedefonds vanuit Stichting Donateursbelangen: het gerealiseerde voorlichtingsbedrag wordt al voorbeeldig gepubliceerd, elk jaar, in de jaarrekening zelf. Wij zouden het Armoedefonds aanraden om dit cijfer, en de daaraan gekoppelde verdeelsleutel, ook zichtbaarder te maken in het toegankelijker geschreven bestuursverslag (waar donateurs het sneller vinden) in plaats van uitsluitend in de jaarrekening, en om in diezelfde toegankelijke sectie kort te benoemen dat een deel van de wervingsactiviteiten in het verleden met extern geleend kapitaal is gefinancierd. Ook zou meer openheid over de kosten van specifieke mediasamenwerkingen, zoals de RTL Boulevard-actie, onnodige ruis voorkomen.

De cijfers over zeven jaar op een rij

(Tip voor mobiel: veeg de tabel naar links om alle kolommen te zien.)

Jaar Inkomsten Uitgaven Doelbest. Werving % Beheer % Eigen verm. Aandeel part.
20191,93 mln1,67 mln1,13 mln16,10%12,06%-1,18 mln93,0%
20202,46 mln2,00 mln1,53 mln11,06%8,41%-0,76 mln78,6%
20217,60 mln7,91 mln6,70 mln11,22%4,81%-1,12 mln35,7%
20228,69 mln8,00 mln6,96 mln8,22%3,70%n.v.t.*n.v.t.*
20237,71 mln7,70 mln6,59 mln10,05%4,41%-0,46 mln50,5%
202419,65 mln16,13 mln14,14 mln7,02%3,15%3,03 mln27,1%
202523,93 mln23,77 mln21,74 mln5,73%2,79%3,12 mln27,7%

* Voor 2022 kon binnen dit onderzoek geen volledig vergelijkbaar eigen-vermogencijfer worden vastgesteld.

Personeel en donateurs door de jaren heen: fte 1 (2019), 2 (2020), 1,86 (2021), 3,4 (2022), 6,41 (2023), 8,58 (2024), 14,72 (2025); aantal donateurs circa 16.000 (2019), 20.465 (2020), 31.906 (2021), 47.491 (2023), circa 75.000 (2024), 123.263 (2025).

Gerealiseerd voorlichtingsbedrag per jaar (zie Transparantie A): € 586.607 (2019), € 445.931 (2020), € 1.139.128 (2021), € 1.062.161 (2022), € 1.264.624 (2023), € 2.733.306 (2024), € 3.620.148 (2025). Dit bedrag groeit sneller dan de baten in de laatste twee jaar, wat past bij de sterk uitgebreide huis-aan-huiscampagne en mediazichtbaarheid (onder meer de tv-series en actieweken) in die periode.

Wat opvalt: de eigen-vermogenpositie was van 2019 tot en met 2023 vrijwel doorlopend negatief, direct als gevolg van de opstartlening en de Social Impact Bonds (zie Transparantie F), en werd pas vanaf 2024 structureel positief. Het aandeel particuliere baten in de totale inkomsten daalde sterk, van meer dan 90% in de eerste jaren naar ruim een kwart in 2024-2025, doordat bedrijven, loterijorganisaties en overheden een steeds groter deel van de snel gegroeide financiering voor hun rekening namen.

Wat betekent dit voor (toekomstige) donateurs? Drie dingen zijn hier relevant. Ten eerste is de periode van een negatief eigen vermogen inmiddels afgesloten: wie vandaag doneert, financiert geen lopende schuldaflossing meer, dat hoofdstuk is met de volledige aflossing van de Fonds 1818-lening (2023) achter de rug, al lopen de Social Impact Bonds nog door tot 2029. Ten tweede is een dalend relatief aandeel van particuliere baten niet per se een negatief signaal: het Armoedefonds noemt afhankelijkheid van een beperkt aantal donateurs zelf expliciet als risico in haar risicomanagement, en een bredere inkomstenmix vermindert juist die kwetsbaarheid. Ten derde is het wel de moeite waard om te weten dat het grootste deel van de bedrijfsbaten uit goederen in natura bestaat, niet uit geld: in zowel 2024 als 2025 was dat ruim 87% van alle bedrijfsbaten. Die goederen komen rechtstreeks bij hulporganisaties terecht, maar leveren geen vrij besteedbare euro's op voor bijvoorbeeld werving, beheer of acute geldnood, waar een gift van een particulier dat wel doet. Ook de bijdrage van de Postcode Loterij (een eenmalige schenking van € 1 miljoen voor drie jaar, vanaf 2025) en de overheidssubsidie voor het MUP-project (gekoppeld aan het lopende project, tot en met maart 2026) zijn niet structureel van aard. Een gift van een individuele donateur, en zeker een structurele, blijft daarmee een vorm van steun met een flexibiliteit die de andere, snel gegroeide inkomstenbronnen niet bieden.

Een strengere blik: wervingskosten zonder de voorlichtingstoerekening, in twee stappen. Het percentage wervingskosten dat het Armoedefonds officieel noemt, wordt van jaar tot jaar lager. Dat komt door twee keuzes tegelijk, die we hieronder uit elkaar hebben getrokken zodat zichtbaar wordt wat elke keuze afzonderlijk oplevert. De middelste kolom laat zien wat er gebeurt als je alléén de volledige campagnekosten ("communicatiekosten", vooral de huis-aan-huisactie) als wervingskosten telt, in plaats van de helft daarvan weg te schrijven als "voorlichting". We vergelijken dit bedrag hier nog steeds met alle inkomsten van het Armoedefonds samen, dus ook het geld van bedrijven, de Postcode Loterij en de overheid. De laatste kolom gaat een stap verder: daar vergelijken we diezelfde, hogere wervingskosten niet met alle inkomsten, maar alleen met wat particuliere donateurs zelf daadwerkelijk hebben gegeven. Voor de vier jaren waarin wij deze uitsplitsing exact konden natrekken ontstaat zo dit beeld:

Jaar Officieel gerapporteerd wervingspercentage
(t.o.v. alle inkomsten)
Wervingskosten mét volledige campagnekosten
(t.o.v. alle inkomsten)
Wervingskosten mét volledige campagnekosten
(t.o.v. alleen giften van particulieren)
202111,2%25,5%71,3%
202310,0%25,9%51,2%
20247,0%20,1%74,1%
20255,7%19,2%69,3%

De middelste kolom laat dus zien hoeveel alleen al de manier van boekhouden rond "voorlichting" uitmaakt (5,7% wordt bijvoorbeeld 19,2% in 2025, terwijl we nog steeds met alle inkomsten samen vergelijken). De laatste kolom laat zien wat er gebeurt als je bovendien alleen kijkt naar het geld dat particuliere gevers zelf hebben ingelegd.

Deze herrekening is niet 100% waterdicht: zowel waarmee je vergelijkt (alle inkomsten of alleen giften van particulieren) als de manier waarop kosten worden toegerekend, zijn legitieme, in de sector gangbare en door het CBF toegestane keuzes (op basis van de RJ650-richtlijn), geen verzwegen truc. Ook konden wij deze specifieke uitsplitsing alleen bevestigen voor 2021, 2023, 2024 en 2025, niet voor 2019, 2020 en 2022. Maar de omvang van het effect is te groot om te negeren: dat is het verschil tussen "zeer efficiënt" en "bijna driekwart van elke particuliere donateurseuro gaat op aan werving".

Wervingskosten afgezet tegen daadwerkelijke donateursgroei. Naast percentages is er nog een meer down-to-earth manier om naar wervingskosten te kijken: wat leverde het op in daadwerkelijke donateursaantallen? Onderstaande tabel zet de netto toe- of afname van het donateursaantal in een jaar af tegen de wervingskosten van dat jaar.

Jaar Donateurs (eind jaar) Netto verandering t.o.v. vorig jaar Wervingskosten Kengetal
201916.000n.v.t.€ 311.220n.v.t.
202020.465+4.465€ 271.618€ 60,83 per netto nieuwe donateur
202131.906+11.441€ 852.323€ 74,50 per netto nieuwe donateur
202251.168+19.262€ 714.375€ 37,09 per netto nieuwe donateur
202347.491−3.677€ 774.762€ 210,70 per netto verloren donateur
202475.000+27.509€ 1.380.163€ 50,17 per netto nieuwe donateur
2025123.263+48.263€ 1.371.367€ 28,41 per netto nieuwe donateur

Dit kengetal zet de netto toe- of afname van het donateursaantal in een jaar af tegen de totale wervingskosten van dat jaar en is daarmee indicatief, geen exacte toerekening: niet alle wervingskosten worden gemaakt om specifiek nieuwe donateurs te werven of bestaande donateurs te behouden, een deel gaat bijvoorbeeld naar algemene naamsbekendheid of communicatie die niet direct aan een individuele donateurshandeling te koppelen is.

Het meest opvallende jaar is 2022→2023: ondanks € 774.762 aan wervingskosten kromp het donateursbestand netto met 3.677 personen, omgerekend € 210,70 aan wervingsinspanning per per-saldo-verloren donateur. Dit betekent niet dat het geld werd uitgegeven om donateurs te laten vertrekken, het betekent dat de wervings- en behoudsinspanning dat jaar onvoldoende was om de uitstroom (bijvoorbeeld door opzeggingen) te compenseren. Voor de overige jaren geldt steeds een positieve netto aanwas, met dalende kosten per nieuwe donateur in de meest recente jaren, wat duidt op toenemende doelmatigheid van de werving zelf, los van de eerder besproken boekhoudkundige toerekening aan voorlichting.

Conclusie

Stichting Armoedefonds groeide in zes jaar tijd van een eenmansorganisatie met minder dan € 2 miljoen aan baten naar een van de grotere Nederlandse goede doelen, met een structureel dalende kostenquote en concrete, meetbare impact. Deze groei werd voor een deel gefinancierd met geleend kapitaal: een opstartlening van Fonds 1818 en, later, Social Impact Bonds, beide expliciet bedoeld om de kosten van donateurswerving te dekken, niet de doelbesteding. Het jaarverslag maakt hier open melding van, en het is dus geen onregelmatigheid, maar het betekent wel dat donateurs in de eerste jaren van het Armoedefonds voor een deel de rente en aflossing van deze leningen mee hebben gefinancierd, in plaats van dat elke gedoneerde euro rechtstreeks naar armoedebestrijding ging. Op transparantie rond donateursaantallen én rond het gerealiseerde voorlichtingsbedrag scoort de organisatie sterk en consistent: beide cijfers staan, in tegenstelling tot bij veel vergelijkbare goede doelen, elk onderzocht jaar gewoon in de jaarrekening.

Bronnen

Jaarverslagen Stichting Armoedefonds:
2025 · 2024 · 2023 · 2022 · 2021 · 2020 · 2019

CBF-Erkenningspaspoort Stichting Armoedefonds (cbf.nl):
2025 · 2024 · 2023 · 2022 · 2021 · 2020 · 2019

Overig: Stichting Donateursbelangen, blogitem over de RTL Boulevard Schoolspullenactie (15-06-2026).

Disclaimer

Deze analyse is een onafhankelijke publicatie van Stichting Donateursbelangen, gebaseerd op openbaar beschikbare jaarverslagen en CBF-Erkenningspaspoorten. Deze analyse beoordeelt financiële transparantie, efficiëntie en consistentie op basis van deze bronnen; zij zegt niets over de daadwerkelijke effectiviteit of impact van de programma's van Armoedefonds, dat vergt ander soort onderzoek dan wij hier doen. De toegekende score is een redactionele weging van Stichting Donateursbelangen, geen cijfer dat door anderen exact is na te rekenen. Deze tekst is door mensen opgesteld en met behulp van AI aangepast/verbeterd. Wij besteden veel zorg aan de juistheid van de gebruikte cijfers en citaten, maar aanvaarden geen aansprakelijkheid voor eventuele onjuistheden of onvolledigheden in deze analyse. Lezers worden aangemoedigd om de genoemde bronnen zelf te raadplegen en te controleren. Feitelijke onjuistheden kunnen gemeld worden via info@donateursbelangen.nl.

Bijlage(n)

-

Jordan van Bergen

Directeur-bestuurder Stichting Donateursbelangen

"Dit blogitem is geschreven door een mens waarbij de inhoud mogelijk gedeeltelijk is verbeterd en aangevuld door en met behulp van kunstmatige intelligentie (AI)."

Terug naar alle blogitems

Media lightbox dialog. Press left and right arrow keys to navigate, Home key to go to the first item, and End key to go to the last item.